Sailing, more preparations, day 4 & 5

Dag 4, zondag NO SPANG-DAY
…en de zevende dag (de zondag bedoel ik dan hè!), hij rustte, zo ook wij.
Wel vroeg uit de veren (geen enkel probleem overigens en wel prima want dan duurt de dag lekker lang). R is al bezig met wat klusjes die hij af wil hebben voordat we vertrekken.
Wat later is het zover, de twee motoren worden gestart, we gaan los en verlaten de overvolle jachthaven. Om de baai uit te komen moet je wel goed uitkijken en vooral met de zon in je rug vertrekken (’s morgens dus) anders zie je de verradelijke riffen niet. Natuurlijk heb je ook nog de hulp van de boeien (groen rechts, rood links hier. Andersom als bij ons, als je een haven uitvaart), maar ook het oog is nog steeds een van de beste navigatiemiddelen.
Het doel was zoals gezegd St. Anne, niet veel verder.

St.Anne, de buurman. Houdt niet van zeilen.
St.Anne, de buurman. Houdt niet van zeilen.
In het kleine stukje krijgen we ondertussen spoedcursus van alle navigatie- en (stuur)hulpmiddelen aan boord.
Even later al de kust bereikt van St.Anne en het anker gaat voor het eerst uit. Er zit een elektrische ankerlier op de Josina maar die is tijdelijk vanwege een mankement buiten gebruik. Er is een probleem met het relais wordt vermoed. Het probleem zit echter in wat meer dingetjes waar R en J achter komen (na het voor anker gaan is dit meteen het eerste karweitje).
Buiten alle standaard functionaliteit van een boot beschikt de Josina over een indrukwekkend voorraadje gereedschap en reserveonderdelen.
Verder nog wat kleine klusjes geregeld, gezwommen en gesnorkeld en met de dinghy (jaja dat is een rubberbootje met een buitenboordmotor) naar de kust om ff de Formule 1 te kijken bij Caritan (soort appartementen hotelcomplex met zwembad … aha!). Lekker onderuit zitten en daarna het zwembad in. R gaat vast terug naar de boot om te klussen terwijl J & H zich vermaken in het zwembad en aan de bar. De eerste PinaColada wordt naar binnen geslagen.
PinaColada in het Caritan
PinaColada in het Caritan

Daarna terug naar het strandje, J fluit even op een schelpje en even later worden we opgepikt met de dinghy. Terugzwemmen naar de boot had ook gekund maar dat is zo lastig met een fototoestel, portemonnee, zakken vol euro’s handdoeken enzo.
Terug op de boot stelt R voor om ’s avonds ff bij “die dikke neger” te gaan eten in St Anne, alwaar R al met diverse gasten meerdere keren heeft gesnaveld. Volgens R moet Sonny (zo heet deze donkere man) vandaag open zijn en hij BBQ’t vaak in (voor) zijn etablissement. Aangekomen blijkt van afstand dat deze multiculturele uitspanning is gesloten.Jammer dus, maar als we dit eettentje naderen spot R toch een enorme dikke neger van ruwweg een kilo of 250, een zwart michelinmannetje. R en J lopen met H in het kielzog op hem af en R begroet hem hartelijk. Deze begroeting wordt gepareerd met een simpel “Va la bas” (ga daar heen) en met enige inspanning zijn arm optillend (die arm weegt al meer dan een 100 jaar oude boomstam) wijst hij in de richting van het straatje dat op zijn restaurantje uitkomt. Braaf geven wij gehoor aan deze uitbundige invitatie en lopen richting een paar grote party-tenten die op straat zijn uitgestald. Het is maar vijfentwintig meter lopen, maar voor een dergelijke krachtsinspanning is Sonny niet in de wieg gelegd en hij laat zich zakken in zijn auto, die duidelijk niet is geproduceerd voor een dergelijk gewicht, maar dan had ie maar geen auto moeten worden.
Inmiddels zijn wij drieën bij de partytenten aangekomen en het ziet er werkelijk zwart van de mensen, daarmee doel ik niet op de hoeveelheid mensen die aanwezig zijn (ongeveer een man of 20), maar meer op de kleur, 100% allemaal lokale pikzwarte mensen. Inmiddels heeft Sonny ook dat hele eind naar de tenten gereden, stapt uit en wijst ons op een gigantische Paellapan die op een tafel staat met uitdrukkelijk de bedoeling dat wij daar van gaan eten. Hoewel de verlichting rond deze tent te wensen over laat, scheppen wij onze plastic bordjes vol en Sonny drukt ons ook nog elk een blikje bier in de handen. We hebben geen idee wat deze culinaire mixage voorstelt, maar het blijkt een overheerlijke Paella-achtige lekkernij te zijn die wij smakelijk verorberen. Na de maaltijd bemoeit H zich nog even bij een partijtje Domino, welk spel in het gehele Caribische gebied uitbundig en met luid gekrakeel wordt gespeeld. Inmiddels is ons nog een biertje door Sonny aangereikt en even later beginnen al enkele mannen de restanten van het eten op te ruimen, want volgens ons hebben deze mensen al de hele middag en avond hun buikjes al rond gegeten (aan Sonny en nog wat anderen is dit duidelijk af te meten)
We bedanken Sonny voor zijn gastvrijheid en keren even later weer met de dinghy terug naar de boot die in de baai voor anker ligt. Aan boord aangekomen nemen we nog een drankje om deze dag even af te ronden en om een uur of 10 ’s avonds liggen we alle drie in Morpheus armen.

Dag 5, maandag, REDUNDANT-DAY
Kwart voor zeven, we zijn al weer op. Douchen doen we door van de boot te stappen, ’plons’, je wordt wakker, bent (redelijk) schoon en weer helemaal fris.
R is al naar de kant getuft om wat verse broodjes te halen …bladiebladiebla… ochtendritueel.
De broodjes nog half in onze slokdarm vertrekken we naar de scheepswerf. We zullen en motten het life-raft (een kist met daarin een zichzelf opblazend rubberen vlot welke in geval van nood in het water kan worden gegooid) vandaag terug krijgen. Zonder kunnen we (uit oogpunt van veiligheid) niet aan de Surinametrip beginnen Alles kan natuurlijk, maar risico’s sluit R bijna volledig uit. Afspraken over tijden kan je hier niet maken, maar dat is algemeen bekend voor deze omgeving, zelfs de mensen op de Antillen zijn een stuk sneller.
J & H vermaken zich in het dorp terwijl R hier en daar wat reserveonderdelen gaat halen. ’t Is al eerder gezegd maar R heeft voor alles, maar dan ook alles reserveonderdelen of een tweede (derde) exemplaar aan boord. (Nee, met vrouwen hanteert ie een andere tactiek).
J en H belanden onder andere op een terras waar een teletext-achtig TV-scherm te zien is die elke 5 a 6 minuten een soort lottotrekking heeft, de verkoop van de lottobriefjes zit om het hoekje. Oke, het gokken zit ons een beetje in het bloed en we besluiten om ook zo’n formuliertje in te vullen, 3 minuten later de trekking en jahoor,.€ 5 gewonnen. Nog een keer, niets, aaaahhhh, nog één keer dan, € 50 in de knip, kan je toch weer lekker van eten.
We bellen R (mobieltje werkt alleen nog op Martinique, daarna op de andere eilanden en Suriname niet meer) en spreken af op het Mangoterras waar we al eerder zijn geweest. We blijven plakken en drinken er een paar…..half 4 vertrekken we.
Nog steeds is het vlot niet terug (zou ècht 4 uur klaar zijn!), 4 uur wordt 5 uur, 5 uur wordt 6 uur en uiteindelijk was het vlot pas om 7 uur terug.
Pannekoekies gebakken op de boot en we gaan maar weer eens wat drinken.

Onze keuken, dat driehoekige ding is onze koelkast
Onze keuken, dat driehoekige ding is onze koelkast
Even nog H’s recept voor een geslaagd pannenkoekenfeest. Men neme een zakje Koopmans pannenkoeken mix, waarop staat dat deze is geschikt voor ongeveer 6 pannenkoeken (dus niet zo’n groot pak en volgens H moet daar 1,5 liter water bij. Tja, hij heeft de zaak in handen, dus laat ik hem maar even begaan, tenslotte heeft hij goede ogen, dus dat zal dan wel. Men neme vervolgens een beslagkom (inderdaad behoort deze ook tot de uitrusting van R’s boot) en kletteren hier vervolgens de watermassa in. Met de garde wordt de inhoud van het zakje er doorheen geroerd en voila, even later is het beslag gereed (H komt voor een goede pannenkoek graag goed beslagen ten ijs). Persoonlijk vond ik het beslag wat dunnetjes en ik kijk op het zakje alwaar H de inhoud hiervan door het water heeft geroerd. Tja, er is natuurlijk een verschil tussen 1,5 liter en 1,5 deciliter, hetgeen een aanmerkelijk verschil uitmaakt. Nu moet ik ook even vermelden dat R niet had aangegeven waar het pak pannenkoekmix zich bevond en was H de trotse en eerlijke vinder van een éénpersoons pannenkoekmix-zakje geworden. R haalt even later ergens anders uit de boot het gewenste pak pannenkoekenmix en kort daarop staat hij ook het beslag in de koekenpan te deponeren.
Le Marin...zo lig je dan met z'n allen
Le Marin...zo lig je dan met z'n allen

De avond wordt doorgebracht in de bar (mangoterras) van Le Marin in gezelschap van Robert, een schipper met de Zweedse nationaliteit die in het Caribisch gebied als kapitein ook charterreizen doet. R heeft destijds van deze man zeillessen in de griekse wateren gehad en Robert heeft daar al veertien seizoenen charteren achter de rug. Over een paar weken vertrekt hij ook weer naar Griekenland om daar voor Kiriacoulis Yaughting weer enkele zeiltrips uit te voeren. Een bijzonder gezellige vent die ook bol staat (volgens mij hebben alle schippers dat) van de verhalen. De een nog komischer en fantastischer dan de andere, maar bijzonder plezierig om aan te horen. Om een uur of elf besluiten we toch om onze kooien (niet dat we opgesloten zitten of zo, maar zo heet zo’n slaapgelegenheid nou eenmaal aan boord) op te zoeken, want morgen gaan we dan eindelijk onder zeil (niet slapen, maar daadwerkelijk de zeilen hijsen) en oversteken naar St. Lucia. We moeten dus vroeg uit de veren (hebben onze matrassen niet echt, maar opstaan past hier niet echt, want als je gaat opstaan in je kooi, zit je met je kop tegen het plafond) Afijn, we moeten in ieder geval vroeg vertrekken, want R wil ook nog even kijken bij een grotere dinghy die hij te koop heeft zien staan en we daar toch langskomen.

Plaats een reactie