Dag 8 en 9, donderdag en vrijdag GENERALE REPETITIE
Na het ontbijt gaan we dieselolie tanken en om ongeveer 10.00 uur varen we de haven uit. We gaan nu echt de oceaan leren kennen, want als we uitvaren hebben we de wind pal oost, waardoor we (als we natuurlijk Barbados willen bereiken) ook in oostelijke richting moeten varen. Dat betekent met golven van zo’n 2,5 tot 3,5 meter dat we tegen de golven in moeten varen en dus niet beide zeilen kunnen zetten waardoor het schip weer wat meer gaat rollen. Afijn, dat moet dan maar en we zetten koers richting Barbados. We proberen een paar buien te omzeilen en met een aantal lukt dat ook, maar één bui treffen we volop en ik kan je vertellen dat je dan momenten hebt dat je bijna geen hand voor ogen ziet vanwege het regenwater, maar ook door het buiswater dat over het schip slaat.
Leuk om nog even te melden is dat J tijdens deze verblindende regenactie iets zoekt om zich vast te houden en vervolgens de fok lostrekt, erg leuk maar niet heus, zo’n bootje maakt gekke fratsen dan ineens.
Heel bijzonder is dat we op gegeven moment pal voor de kust een walvis zien die vlak langs onze boot zwemt, echt een geweldige ervaring en vrij uniek dat je dit mag meemaken. Echt een plaatje zoals dat door het water glijdt en z’n staart door het water slaat. Hoe dat ging ook: H achter het roer, ziet al suffend rechts naast zich een rots, zo, dat is mazzel zeg, net gemist die rots. Huh? Een rots? R! J! SNEL! NU! Tijd om daar plaatjes van te schieten heb je niet, je moet genieten van dat moment.
Later zien we op enige afstand ook nog eens een reuzenschildpad voorbij zwemmen. R zegt dat we echt getrakteerd worden op deze reis door deze vrij unieke ervaringen. In al die jaren is pas dit zijn 3e walviservaring.
Later op de dag gooien we ook nog een vislijntje uit en al een uur later hapt een barracuda in het uitgeworpen spinnertje. “Die gaat vanavond de oven in, of ligt morgen op onze barbecue.” We halen de vis binnen en slaan de haak achter zijn kieuw. 
Kop d’r af, schubben d’r af, ff schoonmaken en in de koelkast, klaar om opgesmikkeld te worden morgen bij de BBQ.
Het wordt een oversteek van zo’n ruim dertig uur volgens onze R en we wachten dat rustig af. H en J zullen varen tot een uur of twaalf in de nacht en R neemt het dan over tot een uur of 6 in de ochtend. De bedoeling is dat we in de loop van de ochtend Barbados zullen bereiken.
Van te voren natuurlijk koers uitgezet maar die blijkt moeilijk te volgen door de eigenwijze wind (en dan ook nog de stroming 2,5 knoop tegen schiet niet echt op hebben we ervaren). Scherp aan de wind varen heet het, tering, dat is geen kattenpis, voor je het weet vaar je door de wind met alle gevolgen van dien, nou goed, hard en geconcentreerd werken is het. Overdag kun je met scherp aan de wind varen je concentreren op de fok, die –zo gauw onderin de fok een deel wil gaan klapperen (killen heet dat)- je de boot snel kan laten afvallen (ik zou wensen dat al het afvallen zo eenvoudig was als het roer omgooien, hoewel, in feite komt het op het zelfde neer) Nee, af vallen is ervoor zorgen dat je van de windrichting afstuurt, zodat je meer wind in de zeilen krijgt.
R maakt ’s nachts nog ff wat mijltjes goed maar heeft het er ook niet makkelijk mee.
Rond 5:30 neemt J het al weer over van R en H volgt ruim een uurtje later (die was ff op en lag in coma). Weinig kans meer om te zeilen want we hebben vol wind tegen. Nog even geprobeerd te motorzeilen, maar ook het grootzeil gaat even later naar beneden en moeten we de laatste 30 mijl op motorkracht richting Barbados.
Het duurt lang, nog even wat pech met 1 van de motoren maar dat wordt quick & dirty opgelost (lees: we knippen een kabel door). 
Tijd voor een verdiende borrel. Overigens drinken we geen druppel alcohol aan boord tijdens ‘werk’, maar des te meer als het anker uit gaat. We besluiten de boot vandaag niet meer af te gaan. R sleutelt nog wat aan de motor en we treffen voorbereidingen voor de BBQ. Morgen gaan we Bridgetown in met de boot en gaan we Barbados een beetje verkennen. BBQ’en is echt leuk aan boord, R heeft middels een stang aan de railing een soort BBQ-pan gemonteerd en steekt het ding voorzien van houtskool in de hens. Dat gaat vrij gemakkelijk, want hij pleurt er een zooi brandbare meuk op waardoor de pan brandt als een lier. 
Om een uur of negen duiken we allemaal de kooi in, toch nog een beetje vermoeid van de hele oversteek en slapen tot de volgende ochtend 7 uur.
