House 4 Sale part 1

Voorbij de authentieke molen, die nog slechts dienst doet als afwerkplaats, tussen het mortuarium voor plotseling gestorvenen en de witteboordenwasserij staat dit goed te onderhouden herenhuis. De buurt is levendig te noemen met de regelmatige drive-by’s, het glasgerinkel met de even later te horen bijpassende gierende banden, de rammelende winkelwagentjes, bestuurd door de altijd aanwezige slijterijbezoekers, en de hangjongeren die hun discutabele artistieke kwaliteiten botvieren met behulp van kleurige spuitbussen op de beschikbare muren van de monumentale bouwwerken en gepoetste bodies van classic cars.
De entree van dit herenhuis is te bereiken via een flinke hink-stap-sprong over de plaatselijke straatbewoners zonder enig bekende verblijfplaats en identiteit en kenmerkt zich door geuren die slechts bekend zijn bij het Forensisch Laboratorium te Rijswijk en daarom uniek te noemen. De vanzelf openslaande toegangsdeur verschaft u de toegang tot het tochtportaal alwaar een indrukwekkende verzameling aan te koop aangeboden gestolen fietsen tentoongesteld staat. De tochtdeur brengt u naar de hal, volgestouwd met bij het vuilnis gevonden quadcore hi-tech laptops, met afslagen naar de huiskamer, het toilet, en het bovengebeuren. De meer dan ruime toilet biedt mogelijkheden tot het innemen van medicijnen en leent zich prima voor snelle onderonsjes met nieuw gemaakte vrienden/vriendinnen. Een wasgelegenheid, beter bekend als ‘fontein’ met ranzige handdoekjes, is eveneens aanwezig.
De huiskamer met indrukwekkende afmetingen heeft een relaxgedeelte voorzien van ruime zit/lig-gelegenheden en voorziet in een doorlopende filmvoorstelling van de laatste natuurfilms, levensgroot geprojecteerd op de rustiek geschilderde wanden. De open haard doet uitstekend dienst als afvalcontainer die, na het onsteken hiervan, zichzelf reinigt met behulp van de meer dan twintig jaar geleden geveegde schoorsteen. Het eetgedeelte met een meer dan gemiddelde eettafel en voldoende stoelen doet ondermeer uitstekend dienst als knip-tafel en kan zo’n 14 man/vrouw juist geschoolde buitenlandse werknemers herbergen.
De jaren-70 keuken, bereikbaar via het eetgedeelte middels een Romeins aandoende boog, voorziet in alle levensbehoeftes door haar ruime opslagcapaciteit, de combi magnetron/oven voor de pizza’s en de noodzakelijke koeling voor de alcoholische versnaperingen. Buiten de uitermate nuttige attributen zoals kurkentrekkers, pizzasnijders en flessenopeners is andere onnodige apparatuur eveneens aanwezig zoals nutteloze pannen en een afwasmachine.
Zowel het eetgedeelte als de keuken bieden toegang tot de tuin en maken, middels de ‘achterom’, met recht van overpad, een snelle uitweg bij een eventuele inval, mogelijk.
Op dit moment doet de tuin dienst als opslagterrein voor de huisvesting (caravans, tenten, gestolen auto’s, etc.) van 42 stuks buitenlandse werknemers (3-ploegendienst), maar zal leeg worden opgeleverd bij verkoop, evenals de op dit moment als opslag- en droogruimte in gebruikzijnde, stenen schuur, bewaakt door een 101-tal agressieve honden.

House for Sale…Margriet heeft nog steeds één van de meest mooie Nederlandse stemmen, maar deze versie van Mylène mag er ook zijn…

Sailing, day 13 & 14

Dag 13, dinsdag WAHOO!!!!!!!!
Ik word wakker door het gebrom van de motoren om ongeveer 09.00 uur. Ik hoor een fluittoon die mij te kennen geeft dat er iets aan de hand is. Nee, het is niet de fluitketel, maar een signaal van de motor dat er iets niet in orde is. En inderdaad, zoals ik reeds vermoedde is R bezig met de saildrive. Een sensor geeft aan dat er teveel water in staat, maar dat is niet zo. Hij heeft er al meerdere keren naar gekeken en getracht de storing op te lossen, maar het kan ook gewoon zo zijn dat die sensor zelf kaduuk is. R besluit de draadjes daarvan door te knippen om van dat wel heel erg irritante gepiep af te zijn. Knip, knip, eh, oh, sorry, verkeerde kabeltje. Dat was het voedingskabeltje van de toerenteller. Volgens mij doet R dat expres, want anders heeft hij niks te repareren natuurlijk en hobby blijft tenslotte hobby, toch?

Onze snelheid, 6.4 knopen, dat is zo'n 12km/u
Onze snelheid, 6.4 knopen, dat is zo'n 12km/u

RED ALERT!!!! De vislijn loopt weg! Nou kan die lijn eigenlijk echt nergens heen, dus dat valt nogal mee. Maar met een noodgang giert de draad op onze vislijn door de slip. Dit is niet met anti-slip op te lossen, maar alleen door de vis die waarschijnlijk ons kunstaasje te pakken heeft, binnen te halen. De motoren gaan naar neutraalstand en J koerst tegen wind in om de vaart uit het schip te halen zodat H en R de vis kunnen binnentakelen. Het is een heel karwei, want het is geen kleintje die ons aasje heeft willen verorberen. H en R zien hem even boven komen. R zegt: “het is een Wahoo!” Een wat? Waar? Hoe? Nou ken ik gelukkig deze vis vanuit Curaçao en het lijkt me dus best wel aangenaam om nader kennis te maken met deze snoodaard. Maar helaas, als de vis bijna bij de boot is, komt hij nogmaals boven, glimlacht vriendelijk naar ons en schiet met een wel zeer pijnlijke lip naar de diepte, ons met een treurlip achterlatend en een kunstaasje met een verbogen haak. Liplezen bij deze vis zal voor zijn medesoortgenoten (praten kunnen vissen niet, dus zullen ze toch wel liplezen?) voorlopig uit den boze zijn. Gelukkig heeft R ook van kunstaasjes reserve jongens liggen, dus even later ligt de lijn weer achter de boot, op zoek naar een nieuw smakelijk slachtoffer.
H neemt de wacht van 18:00 tot 22:00, R tot 02:00 en J tot 06:00u. De wind is gunstig dus we schieten aardig op. De zon komt al op voordat de maan verdwijnt, een zeer aangename luxe.

Dag 14, woensdag DE LAATSTE NACHT
Het is 06:45u, J en H zitten aan de koffie. Kijk nou! We hebben al beet zonder een vislijntje uit te gooien. Een vliegende vis (die beestjes zie je de hele dag om je heen van klein naar groot) heeft tijdens een nachtelijke ruimtewandeling geen rekening gehouden met voorranghebbend buitenlands zeilverkeer en is op de tweede trede aan de achterkant van de Josina beland. Een indrukwekkende lengte van 73mm heeft deze vis.

Impressive
Impressive

We maken een foto en doen net of we hem zelf hebben gevangen, de dag kan al niet meer stuk.
Uiteraard gaat ook onze vislijn weer vroeg in de ochtend overboord, zwemmen maar jongen en ga maar lekker in het water glimmen zodat je wat leuke tonijntjes, barracuda’s of andere gezellige maatjes het hof kan maken. H zegt dat ie een afspraak heeft gemaakt dat ze vóór half elf aan zijn jiggie zullen gaan bijten. We wachten af. Ik weet niet of de vissen in zee net zo onder de indruk van H’s verbale uitlatingen zijn als veel van zijn collega’s, maar nageven moet je hem toch dat hij hierin wel gelijk krijgt, want om 10 voor half elf giert de lijn wederom door de slip heen. Het is al een aardig samenspel geworden tussen R, J en H, want J duikt achter het roer (tenslotte moet iemand het roer in handen nemen) H duikt in de opbergbank in de kuip om de haak te pakken (daarmee kan hij de vis aan de haak slaan, doet ie met vrouwen ook op die manier?) en R duikt achter de werpmolen (R heeft toch geen tik van de molen gekregen?)
Afijn, J draait de boot in de wind en haalt de vaart uit de Josina. R is inmiddels heftig aan de molen aan het draaien (soort draaimolen) en de aangeslagen vis schiet alle kanten uit, maar R draait door en geeft er maar een draai aan. Het is een wel erg grote zegt R (neenee H en J hadden hun broek nog aan) en naarmate de strijd om deze jongen binnen te halen vordert, lijkt het er hoe langer hoe meer op dat de beslissing deze keer zeker in het voordeel van de vis zal uitvallen. Jawel hoor, na bijna volledig te zijn doorgedraaid, schiet de vis van de haak af en als we onze lijn binnenhalen, blijken alle drie de haken volledig te zijn verbogen, zodat de vis heeft kunnen ontsnappen. Dat moet toch een indrukwekkend beestje zijn geweest. Jammer, maar de lijn gaat weer, voorzien van een nieuwe haak (een die wel in de haak is) wederom overboord. Zeg H hoe laat is je volgende afspraak eigenlijk? Half twee zeg je? Nou, we wachten het wel af. We hebben vanmorgen ons finale doel “Surriv”, als afkorting van de Suriname rivier, in de GPS gezet hetgeen betekent dat we nog zo’n 120 mijl van onze bestemming af zijn. De koers wordt opnieuw bepaald en met een beetje mazzel (wind is in dit geval mazzel) kunnen we morgenochtend in Paramaribo zijn, hopelijk zo vroeg mogelijk, zodat we het inkomend tij mee hebben, maar dat zal er om hangen.
En ja hoor!! Rrrrrrrrrrrrrrrooooooooooeeetttttttttttttttttttttttzzzzzzzz gaat de vislijn weer. Iedereen in positie en we halen hem in. De vis blijft aan de lijn tot vlak bij de boot (en laat nu tijdens het binnenhalen weer zo’n roze ufo langskomen?! We zijn ondertussen een paar honderd mijl verder!). De vis wordt zichtbaar en wordt geïdentificeerd als een dorados, en een flinke jongen ook. Helaas ontglipt ook deze vis onze pan nèt voordat we hem binnen konden halen. R baalt, J & H vinden het best zo. We hebben hem in ieder geval weer gezien, de vis heeft gewonnen.
‘s Avonds overbruggen we een behoorlijke afstand, H, J en vervolgens R houden elk ieder vier uur wacht en zorgen ervoor dat er geen aanvaringen of andere nare zaken passeren. We hebben een wind uiteenlopend van 20 tot 27 knopen die schuin van achteren komt en waardoor we dus flink snelheid maken. De nacht valt en niemand die hem opraapt, dus laten we het daar lekker bij.

2 pleasant

Gisteravond weer goed naar de kloten gegaan in ‘de huiskamer’. Drie uur slaap in vergaande alcoholische staat is te weinig. De gesapige doordeweekse dagen in de huiskamer staan meestal in schril contrast met de meer gezellige vrij- en zaterdagen. Het zit dan altijd bomvol, de wachtrij is lang, iedereen blijft langer hangen en al naar gelang de avond vordert, verandert onze, met whisky volgegoten, huisitaliaan in een zingende bediende en zorgt voor zo voor wat extra gezellig vertier. We horen de meeste nummers vaak, de stamgasten kunnen alles (behalve de Italiaanse levensliederen) wel zo’n beetje meezingen. ‘My way’ is er zo één. De Sinatra-versie is natuurlijk het meest bekend (leuk is trouwens de historie van dit nummer, alhier te vinden).
De huiskamer. Het was met een klein doch zeer gemêleerd gezelschap bijzonder gezellig, zo gezellig dat, ondanks de maandagavond/nacht, de microfoon weer open werd gedraaid en er door iedereen die nog over was werd meegezongen. De emoties liepen op, voor Ciro wordt nog even ‘se stiamo in sieme’ gezongen. Het werd de dubbele tong van de italiaan hierna teveel en weigerde verder nog dienst. De microfoon verwisselde van eigenaar. Ciro had wat moeite met de tekst, maar volgens mij hebben we de juiste opvolger/invaller gevonden. Topavond.

Herman Brood is natuurlijk één van m’n helden. Zelfs dit nummer wist ie op een nieuw niveau te brengen. Echt subliem.

Brutaal kippetje

“en waarom ken ik jou niet?” Niet mijn tekst maar van haar, een absoluut aantrekkelijk kippetje die net uit d’r auto stapt. Me, not in the mood: “Waarschijnlijk omdat je geen hond hebt en ik twee keer zo oud ben als jij”. “haha, dus jij bent vijftig dan”. Me, zo geïrriteerd mogelijk wat niet moeilijk was op dat moment: “Inderdaad”. Het ongelovige kippetje lacht en zegt: “dan moet ik nodig mijn grenzen verleggen”. Het chagrijnige smoelwerk verandert in een satanische glimlach: “Moet je doen, je voelt er niets van” en liep door. Ik voelde haar ogen nog 50 meter doorprikken als messteken in m’n rug.
Verderop liep ik op een nieuw aangelegd fietspad (roze tegels, verhoging tov de rijbaan, dat is een fietspad toch?). Een aantrekkelijke (must be the weather) moeder fietst me tegemoet met haar kroost achterop, remt af terwijl ze me nadert, en vraagt ”is dit nu een fietspad geworden?”. Op dat moment flitst de mop door mij heen waarbij een blondje op een vlucht naar Montreal haar economy zitplaats op eigen initiatief verruilt voor eentje in de businessclass alwaar ze na diverse pogingen van het cabinepersoneel nog weigert terug te keren naar haar eigen economy zitplaats. De piloot die dit hoort en een blondje als vrouw heeft, zegt dit wel even op te lossen omdat hij ‘blonds’ praat. En inderdaad, na verteld te hebben dat de businessclass niet naar Montreal vliegt schiet ze als een speer weer naar haar eigen plek.
Is deze fietsende moeder de zus van dat blondje of is ze zo gehaaid dat ze mij op sarcastische wijze duidelijk wil maken dat ik daar vooral niet moet lopen als zij daar fietst. “Yep”, zei ik overrompeld. Zij: “Ok, bedankt”. Zij moet mijn ogen nog 300 meter hebben voelen prikken.

2 the max

Ik heb een serieus probleem. Ik heb last van m’n hormonen. Ik kan nog maar net m’n stemmingswisselingen verborgen houden voor m’n omgeving. Ik heb alles al geprobeerd: testosteronkillers, m’n haar geblondeerd, deelgenomen aan praatgroepen met gelijkgestemden, m’n zwarte 370PK monster tot ’t uiterste getergd achtervolgd door het team van wegmisbruikers, kilo’s aan pillen, poeders en andere medicatie (zelfs chocola) geslikt, gerookt, gesnoven en gespoten. Alle leeftijdskwaaltjes laten testen van peno- tot andropauze…Nee hoor, meneer, u heeft nergens last van! Echt, echt, echt wel! Ik ben in volledige disbalans, ben depri, down, zit in een dip, zie ’t niet meer zitten. Echt! Nee, ik heb geen haaruitval, maar wel hartkloppingen, migraine, lusteloosheid, duizeligheid en word gek van mezelf. Het zou nog een tekort aan pizza’s kunnen zijn (kan ze na m’n crash nog steeds niet eten), maar ik weet het: ik MOET een er één hebben: zwart, mooie vormen, jong, snel & stoer….

...ZUCHT....
...ZUCHT....

Sailing, day 11 & 12

Dag 11, zondag THE FINAL
R heeft gisteren op internet nog even de weerkaarten bekeken en het ziet er gunstig uit qua wind en golven, dus heeft hij er alle fiducie in dat ons een goed zeilweertje boven het hoofd hangt. De wind blijkt later nog beter te zijn dan verwacht, want die zit zelfs 10 graden boven Oost (OostNoordOostOost), waardoor we niet al te scherp aan de wind hoeven te varen en het sturen over kunnen laten aan de stuurautomaat. Wel moet er dan wel permanent toch iemand aan het roer blijven zitten om in ieder geval uit te kijken voor andere scheepvaart, extreme hoge golven (waardoor de gehele inventaris van de boot zich logistiek zou kunnen verplaatsen naar een ongewenste bestemming), drijfhout, piraten, walvissen, zeeschildpadden, zeekoeien (die te hooi en te gras overal maar grazen) zwangere dolfijnen, afijn je verzint het maar. Om 08.00 uur varen we uit en hijsen de zeilen. De “grote oversteek” is begonnen en de komende dagen wordt het dus schommelen, wacht lopen (niet dat er veel te lopen valt in de kuip), eten en slapen. Klinkt misschien voor een lezer wat saai, maar ik blijf het een geweldige ervaring vinden. Om de vier uur zullen we onze positie middels de GPS bepalen en daaruit kunnen we dan afleiden of we de uiteindelijk uitgezette koers (doel) halen en in hoeverre we opschieten en daar mogelijk van (moeten) afwijken.

Onze hengel, een dobber is niet nodig
Onze hengel, een dobber is niet nodig
De posities worden alleen nog afgetekend op de kaart door H want als J dat doet hebben we helemaal geen koers en springen van de Atlantische oceaan naar het IJsselmeer om dan via de Dode Zee en de Niagara waterval uit te komen op een meertje zonder naam in Italie. We houden het er maar op dat J veel kwaliteiten heeft, maar coördinaten daar niet onder vallen. Rond 12.00 uur vertrouwen we onze eerste bevindingen toe aan de kaart en dat ziet er goed uit. We hebben een windje die schommelt tussen de 16 en 24 knopen, niet al te hoge golven zodat we voorlopig lekker vooruitgaan met een snelheid van zo’n 5 tot 8 knopen.
Rond 16:00u wordt de wind wat eigenwijzer, valt ff weg, de boot draait, de motoren worden gestart om hem weer in de goede richting te zetten, de vislijn loopt ineens weg, niet omdat er een vis aanhangt maar omdat de lijn helaas in de schroef zit dankzij de draaiing, een lastig intermezzo.
J & H sturen tot middernacht. Op wat kleine akkefietjes na geen bijzonderheden. R neemt het over voor de nacht.

Dag 12, maandag IK ZIE, IK ZIE WAT JIJ NIET ZIET EN DE KLEUR IS ROZE
Zes uur staan we alweer klaar om R af te lossen. De nacht was zwaar, de wind was wispelturig dus R had regelmatig ‘met het handje’ gestuurd en was op.
In de loop van de ochtend komen we iets roze-achtigs tegen in het water, het zal wel. Uren later zien we er nog 1, en nog 1, en nog meer in de uren daarna. Onze nieuwsgierigheid is ondertussen wel gewekt en willen weten wat het is. R noemt het een zeepaardje, H een petje en J een handtasje. Gelukkig ziet geen van ons er een roze olifant in.
We komen er nog genoeg tegen maar krijgen er geen een te pakken met de pikhaak. Je kan nu eenmaal ook niet ff remmen om wat te pakken of erg veel van je koers afwijken, helaas, vooralsnog blijft het een mysterie. Wat wel een feit moet zijn is dat er een geweldig aantal van deze roze ufo’s (unidentified floating object) op de oceaan moet rondzwerven als wij er al zoveel tegenkomen. We zijn immers nog geen speldenknopje op het grote water van de Atlantische Oceaan.

leuke dingen doe je 's nachts met licht aan
leuke dingen doe je 's nachts met licht aan

De schoot van de giek breekt vandaag af, maar dankzij de redundancy ofwel de vooruitziende blik van R is het probleem al opgelost voor het zich voor heeft gedaan. De giek wordt opgevangen door een reeds aangebracht noodlijntje. Je vraagt je wel eens af of R ergens niét aan denkt.
We zijn nog niet zoveel opgeschoten als we gehoopt hadden en geven vooral de schuld aan de stroming.
De zon gaat onder, de maan is alweer vroeg op, bijna vol en zal ons vannacht licht geven tot 4:30u. J & H doen de nachtelijke wacht.
Het is nu 3:00. De Josina gaat als een speer en we hoeven weinig te doen anders dan goed op te letten.
En het blijft natuurlijk altijd opletten, want niets is onvoorspelbaarder dan de vrouw wind. De wind draait meer in noordelijke richting en neemt ook in kracht toe met pieken naar 23 tot 27 knopen. Als je dan je rolfok volledig hebt uitstaan en daarbij je grootzeil en fok ook nog eens ingesteld op een oostelijke wind, wordt het zaak om in te grijpen, als je tenminste niet doormidden wilt breken of er op uit bent om eens te zien hoe ons life-raft zich ontvouwd uit zo’n klein doosje. We rollen de fok een stuk in en zetten hem ruimer, ook het grootzeil wordt meer uitgezet, waardoor we beter gebruik maken van de wind. Om 04.30 gaat inderdaad het licht uit, want de maan houdt het echt voor gezien en laat ons in het donker achter. Om even na half 5 krijgen we al te maken met het ‘ochtendgloren’, niet een dagblad dat wordt langs gebracht bij de boot, maar het eerste licht van de zon, zodat we weer licht hebben. Om zes uur is R nog niet op en aangezien H met dit licht voldoende zicht heeft om in z’n eentje overal op te letten, gaat J vast meuren.

Desperado

Het mooie van sommige songs & songteksten, waarom je het mooi vindt, waarom het je aanspreekt, is dat je die reflecteert op jezelf, je situatie, je stemming, je ‘zijn’. Je wilt niet weten of dat overeenkomt met de bedoeling van de schrijver, daar kom je toch nooit achter ook al wordt het met stelligheid beweerd door de betreffende schrijver zelf. Alle artiesten zijn clowns in public en je weet nooit of ze serieus zijn of niet en gelijk hebben ze, zou ik ook doen, als het maar verkoopt. Bij dit nummer heb ook ik zo m’n eigen gedachtes en ben dan toch benieuwd wat anderen daarbij denken te weten of voelen. Een bloemlezing over dit nummer vind je bijvoorbeeld hier . Het grappige is dat ‘mijn versie’ daar ook tussen staat….
Welke dan? No one will ever know..and if you do…I will deny your guess and my feelings